Een stijltypering

Elke schrijver hanteert zijn eigen beeldtaal en probeert die gewetensvol te ontwikkelen en te verfijnen. Vraag een schrijver zijn eigen stijl te typeren en hij zal dat doen in - zijn eigen stijl! Hieronder een poging.

Beelden melden zich in onze rusteloze binnenwereld in een eindeloze stroom. Beelden die ons verbazen, ontroeren, emotioneren. Als we die willen delen met anderen, dan moeten ze een uitingsvorm verkrijgen, we moeten ze schilderen.

Een woordschilder kan woorden bikken en beitelen, ongepolijst en in lapidair schrift, en hiermee het kermende papier striemen. Maar hij kan ze ook met tedere omzichtigheid fluweelzacht penselen op verwachtingsvol, schoon papier. Alles wat mooi is, alles wat er echt toe doet, heeft zachte vormen en warme kleuren en wenkt naar ons van nature.

Beelden hebben ruimte nodig. Een verbeelding staat los van de harde realiteit van alledag. Ze verbergt zich bij voorkeur in de krochten van de geest, maar blijft op de achtergrond aanwezig. Ze heeft ruimte nodig en omhult zich daarom met meerdere sluiers. Daar verbergen zich betekenisinhouden, gevoelswaarden en emotionele bijzonderheden. Ze is daarmee een determinerende verbeelding.

De woorden die deze beelden oproepen, hebben dezelfde textuur en verdienen het om met bekommerende aandacht gepointilleerd te worden. Kleine stipjes op het strakgetrokken doek van de schilder, strikt persoonlijk gekozen woorden op het nog maagdelijke papier van de dichter. Zo ontstaat een schrijfstijl die recht doet aan het essentiële, het authentieke beeld.

Nog iets lezen van mijn hand? Klik hier dan door naar mijn novelle Een Brisante Glimlach.